Rendang is gekozen tot meest populaire gerecht ter wereld. Van oorsprong een gerecht uit de Minangkabau-cultuur, dat werd geserveerd bij ceremoniële gelegenheden, of om gasten te eren tijdens feestelijke gelegenheden. Je kunt je afvragen hoe zo'n lokaal gerecht ooit tot favoriet van de wereld kon worden gekozen. Dat moet welhaast de unieke combinatie van ingrediënten komen, en de slow cooking methode die alle specerijen optimaal op elkaar en het vlees laten inwerken.
Kemirinoten. Die vragen wat voorbereiding. Ze moeten eerst 10 minuten in de oven, op 160 graden tot de nootjes goudbruin zijn. Kemiri maakt de saus dikker en hartiger. En echt veel lekkerder!
Pel en snipper de rode ui.
De teentjes knoflook ook pellen en in schijfjes snijden.
Snijd de rode pepers fijn. Met of zonder pitjes? Dat moet je zelf beslissen. Hoe meer pitjes, hoe scherper (pedis) de rendang!
Schil de koenjitwortel en snijd in schijfjes.
Laoswortel dun schillen en ook in schijfjes snijden.
Verzamel alle ingrediënten in je cobek (of in een kom die groot genoeg is voor je staafmixer). Plet, kneus en maal alle ingrediënten tot een smeuïge pasta. Dat is de boemboe voor de rendang.
Fruit de boemboe samen met het salamblad, suiker en zout in 5 minuten goudbruin. Voeg de geraspte kokos toe bak nog 3 minuten door.
Voeg het vlees erbij. Als het lichtbruin is doe je er genoeg water bij zodat het geheel onder water staat.
Laat de boel nu ongeveer 2,5 uur sudderen. Af en toe roeren en zo nodig water toevoegen. Een kwartiertje voor het opdienen de kokosmelk toevoegen en blijven roeren totdat het wat is ingedikt.