Snijd het vlees in dobbelstenen. Niet van die kinderachtige stukjes, gewoon stevige brokken vlees. Aan de kook brengen in een pan met ¾ liter water.
Knoflook en ui pellen en snipperen. Wrijf ui, knoflook, lombok, laos, ketumbar, kunjit, kaneel zwarte peper, kruidnagel en nootmuskaat tot een brij.
Fruit de brij in wat olie en voeg de sereh en de salam toe. Wat je nu in je pan hebt is een heuse bumbu (uitspreken als boemboe)
Laat de bumbu tot lichtbruin garen en voeg dan toe aan het vlees.
Laat het geheel gaar sudderen. Wel opletten dat de boel niet droogkookt, want anders kan je alsnog naar de snackbar. Steeds water toevoegen tot het vlees na ongeveer 2,5 uur zo zacht is als boter.
Roer er zo’n 10 minuten voor het opdienen de santen door